Veel docenten herkennen het.
Studenten weten dat zij beter op tijd kunnen beginnen met leren.
Ze weten dat reflecteren helpt.
Ze weten dat feedback vragen belangrijk is.
En toch gebeurt het niet.
Vaak trekken we dan snel dezelfde conclusie:
“Ze zijn gewoon niet gemotiveerd.”
Volgens gedragswetenschapper BJ Fogg is die conclusie meestal te eenvoudig.
Gedrag ontstaat namelijk niet alleen door motivatie. Ook het gemak waarmee iemand een taak kan uitvoeren én een duidelijk moment waarop het gedrag wordt gestart, spelen een belangrijke rol.
Met zijn Fogg Behavior Model laat BJ Fogg zien waarom mensen soms geen nieuw gedrag laten zien, terwijl zij dat eigenlijk wel willen.
Het model is eenvoudig, praktisch en wordt wereldwijd gebruikt binnen onderwijs, gezondheidszorg, gedragsontwerp en digitale innovatie.
Wie is BJ Fogg?
BJ Fogg is gedragswetenschapper aan Stanford University en oprichter van het Behavior Design Lab.
Hij onderzoekt al jarenlang hoe gedrag ontstaat en hoe kleine veranderingen kunnen leiden tot grote resultaten.
Internationaal werd hij bekend met zijn boek Tiny Habits, waarin hij laat zien dat duurzame gedragsverandering meestal begint met kleine, haalbare acties in plaats van grote goede voornemens.
Zijn onderzoek vormt tegenwoordig de basis voor veel interventies binnen onderwijs, gezondheidszorg en technologie.
Wat is het Fogg Behavior Model?
Volgens BJ Fogg ontstaat gedrag alleen wanneer drie voorwaarden tegelijk aanwezig zijn.
Gedrag ontstaat wanneer:
- Motivatie aanwezig is;
- Ability (vermogen) voldoende groot is;
- én er een Prompt (trigger) is die het gedrag activeert.
Ontbreekt één van deze drie elementen, dan zal het gewenste gedrag meestal niet plaatsvinden.
Het model maakt duidelijk dat gedragsverandering niet alleen afhangt van hoe graag iemand iets wil.
Ook eenvoud en timing zijn cruciaal.
Motivatie: wil iemand het gedrag uitvoeren?
Motivatie gaat over de bereidheid om iets te doen.
Dat lijkt vanzelfsprekend.
Toch blijkt motivatie vaak minder bepalend dan mensen denken.
Studenten kunnen bijvoorbeeld heel graag goede cijfers willen halen.
Toch beginnen zij pas de avond voor een toets met leren.
Niet omdat zij ongemotiveerd zijn.
Maar omdat andere factoren een grotere rol spelen.
Volgens Fogg is motivatie bovendien grillig.
Sommige dagen voelen mensen zich enorm gemotiveerd.
Andere dagen nauwelijks.
Daarom is het gevaarlijk om gedragsverandering volledig afhankelijk te maken van motivatie.
Ability: hoe gemakkelijk is het gedrag?
Het tweede onderdeel van het model is Ability.
Daarmee bedoelt Fogg niet alleen vaardigheden.
Het gaat vooral om de vraag:
Hoe gemakkelijk is het gewenste gedrag?
Wanneer een taak ingewikkeld, tijdrovend of onduidelijk is, neemt de kans af dat mensen eraan beginnen.
Een student die na iedere stagedag een uitgebreid reflectieverslag moet schrijven, stelt dat misschien steeds uit.
Niet omdat hij reflecteren onbelangrijk vindt.
Maar omdat de opdracht simpelweg te groot voelt.
Door dezelfde opdracht terug te brengen naar drie korte reflectievragen, wordt de drempel aanzienlijk lager.
Volgens Fogg is gedrag veranderen vaak eenvoudiger door het gedrag makkelijker te maken dan door mensen harder te motiveren.
Prompt: het juiste moment
Zelfs wanneer motivatie én vermogen aanwezig zijn, gebeurt gedrag niet vanzelf.
Er is ook een Prompt nodig.
Een trigger.
Een herinnering.
Een duidelijk startmoment.
Bijvoorbeeld:
- een docent die na de les vraagt om één reflectiepunt;
- een herinnering in een digitale leeromgeving;
- een vaste vraag tijdens een werkoverleg;
- een checklist die zichtbaar naast een werkplek hangt.
Zonder zo’n trigger vergeten mensen vaak om het gewenste gedrag uit te voeren.
Niet omdat zij niet willen.
Maar omdat het simpelweg niet in hen opkomt.
Waarom motivatie vaak wordt overschat
Een van de belangrijkste inzichten van BJ Fogg is dat organisaties vaak direct proberen de motivatie van mensen te vergroten.
Er worden inspirerende presentaties gegeven.
Posters opgehangen.
Of campagnes gestart.
Volgens Fogg is dat lang niet altijd de meest effectieve aanpak.
Vaak is het slimmer om te kijken hoe gedrag eenvoudiger gemaakt kan worden.
Of hoe een betere trigger kan worden ingebouwd.
Dat vraagt minder energie én levert vaak sneller resultaat op.
Het Fogg Behavior Model in het onderwijs
Stel dat een docent wil dat studenten na iedere les hun leerdoelen evalueren.
Dat gebeurt nauwelijks.
De eerste gedachte is misschien:
“Studenten zijn niet gemotiveerd.”
Met behulp van het Fogg Behavior Model ontstaat een ander gesprek.
Misschien weten studenten niet goed hoe zij moeten reflecteren.
Misschien kost het formulier te veel tijd.
Misschien is er geen vast moment waarop zij eraan denken.
In plaats van een extra motivatiepraatje kiest de docent voor een andere aanpak.
De reflectie bestaat voortaan uit één vraag.
Studenten beantwoorden die direct na afloop van de les.
En de docent sluit iedere bijeenkomst af met dezelfde vaste routine.
Plotseling neemt het aantal reflecties sterk toe.
Niet omdat de motivatie veranderde.
Maar omdat het gedrag eenvoudiger én vanzelfsprekender werd.
Toepassing in de zorg
Ook binnen de zorg is het model goed toepasbaar.
Denk aan het stimuleren van handhygiëne, veilig medicatiegebruik of het vragen van feedback tijdens een stage.
Vaak wordt gedacht dat medewerkers onvoldoende gemotiveerd zijn.
Het Fogg Behavior Model laat zien dat ook de werkomgeving en de eenvoud van het gewenste gedrag een grote rol spelen.
Een duidelijke herinnering, een logische werkplek of een kort feedbackmoment na een patiëntcontact kan al voldoende zijn om gedrag te veranderen.
De relatie met Tiny Habits
Het Fogg Behavior Model vormt de wetenschappelijke basis van Tiny Habits.
Daarin laat BJ Fogg zien dat grote veranderingen meestal beginnen met heel kleine gedragingen.
Niet:
“Vanaf morgen ga ik iedere dag een uur studeren.”
Maar:
“Na het openen van mijn laptop lees ik eerst vijf minuten mijn samenvatting.”
Kleine gewoonten zijn gemakkelijker vol te houden.
En juist daardoor groeien zij vaak uit tot blijvende routines.
De relatie met andere gedragsmodellen
Het Fogg Behavior Model vertoont duidelijke overeenkomsten met het COM-B-model van Susan Michie.
Beide modellen benadrukken dat motivatie alleen onvoldoende is om gedrag te verklaren.
Ook de Ability van Fogg sluit aan bij de Capability uit COM-B.
Daarnaast vertoont de Prompt veel overeenkomsten met de rol van de omgeving binnen het Behavior Change Wheel.
Samen maken deze modellen duidelijk dat gedragsverandering niet ontstaat door wilskracht alleen, maar door een slimme combinatie van motivatie, vaardigheden en context.
Veelgemaakte fouten
Wanneer gewenst gedrag uitblijft, wordt vaak direct geprobeerd de motivatie te vergroten.
Dat is begrijpelijk, maar niet altijd effectief.
Veel gedragsproblemen ontstaan doordat taken te ingewikkeld zijn, de omgeving onvoldoende ondersteunt of een duidelijke trigger ontbreekt.
Het Fogg Behavior Model helpt om eerst te onderzoeken welke factor ontbreekt.
Pas daarna kies je een passende oplossing.
Tot slot
Het Fogg Behavior Model laat zien dat gedragsverandering verrassend eenvoudig kan zijn.
Niet doordat mensen harder hun best doen.
Maar doordat gewenst gedrag gemakkelijker wordt gemaakt en op het juiste moment wordt uitgelokt.
Voor docenten, praktijkopleiders en zorgprofessionals biedt dit een waardevolle les.
Wanneer studenten of collega’s bepaald gedrag niet laten zien, vraag dan niet alleen:
“Zijn ze wel gemotiveerd?”
Vraag vooral ook:
“Hebben we het gedrag eenvoudig genoeg gemaakt?”
En misschien nog belangrijker:
“Is er eigenlijk wel een goed moment waarop dat gedrag vanzelf kan ontstaan?”
Juist daar begint duurzame gedragsverandering.
Veelgestelde vragen
Wat is het Fogg Behavior Model?
Het Fogg Behavior Model is een gedragsmodel van BJ Fogg. Volgens het model ontstaat gedrag alleen wanneer motivatie, vermogen (Ability) en een trigger (Prompt) tegelijkertijd aanwezig zijn.
Wie is BJ Fogg?
BJ Fogg is gedragswetenschapper aan Stanford University en auteur van Tiny Habits. Hij onderzoekt hoe kleine gedragsveranderingen kunnen leiden tot duurzame gewoonten en betere prestaties.
Wat is het verschil tussen het Fogg Behavior Model en COM-B?
Beide modellen verklaren gedragsverandering vanuit meerdere factoren. Het Fogg Behavior Model richt zich op motivatie, vermogen en een trigger. Het COM-B-model gebruikt de begrippen Capability, Opportunity en Motivation. De modellen vullen elkaar goed aan en worden vaak naast elkaar gebruikt.
Hoe pas je het Fogg Behavior Model toe in het onderwijs?
Docenten kunnen met het model onderzoeken waarom gewenst gedrag uitblijft. Door leeractiviteiten eenvoudiger te maken, vaste routines te creëren en duidelijke triggers in te bouwen, wordt de kans groter dat studenten het gewenste gedrag daadwerkelijk laten zien.

