Veel onderwijs heeft als doel dat deelnemers uiteindelijk zelfstandig kunnen leren en handelen. Maar in de praktijk blijkt dat lastig.
Deelnemers:
- beginnen zonder plan
- raken halverwege de focus kwijt
- of reflecteren nauwelijks op wat ze doen
Zelfstandig leren blijkt dus niet vanzelf te ontstaan.
Het model van zelfregulerend leren van Zimmerman laat zien wat er nodig is om dat wél te laten gebeuren. Het maakt zichtbaar dat effectief leren niet alleen gaat over wat je leert, maar vooral over hoe je je eigen leerproces stuurt.
Wat is zelfregulerend leren?
Zelfregulerend leren betekent dat iemand actief sturing geeft aan het eigen leerproces.
Dat gaat verder dan motivatie of discipline. Het omvat drie dingen:
- plannen wat je gaat doen
- bewust uitvoeren
- en terugkijken op wat het opleverde
Het is dus een cyclisch proces, geen losse vaardigheid.
Het model van Zimmerman
Zimmerman beschrijft zelfregulerend leren als een cyclus met drie fasen:
- Vooraf (plannen en doelen stellen)
- Tijdens (uitvoeren en monitoren)
- Achteraf (reflecteren en bijstellen)
Deze fasen volgen elkaar niet alleen op, maar beïnvloeden elkaar continu.
Wat je leert van een vorige ervaring, neem je mee naar de volgende.
1. De voorbereidingsfase: richting geven aan leren
Veel leerproblemen beginnen hier.
Deelnemers starten zonder duidelijke doelen of strategie. Ze “gaan gewoon beginnen” en hopen dat het goed komt.
In deze fase draait het om:
- doelen stellen
- verwachtingen bepalen
- een aanpak kiezen
Wanneer dit ontbreekt, zie je vaak:
- uitstelgedrag
- gebrek aan focus
- oppervlakkig leren
In de zorg kan dat betekenen dat iemand een vaardigheid oefent zonder echt te weten waar hij op moet letten.
2. De uitvoeringsfase: bewust leren in actie
Tijdens het leren zelf gebeurt iets wat vaak onzichtbaar blijft: monitoring.
Goede lerenden houden tijdens het leren in de gaten:
- snap ik dit nog?
- werkt deze aanpak?
- moet ik iets aanpassen?
Dit vraagt om aandacht en metacognitie — nadenken over je eigen denken.
Zonder deze stap wordt leren automatisch en vaak minder effectief.
In de praktijk zie je dan:
- doorgaan zonder begrip
- fouten herhalen
- of afhaken zonder te weten waarom
3. De reflectiefase: leren van wat je gedaan hebt
Dit is misschien wel de meest onderschatte fase.
Veel leerprocessen eindigen zonder echte reflectie. Terwijl juist hier de groei zit.
Reflectie gaat verder dan:
- “ging goed”
- “kan beter”
Het gaat om vragen zoals:
- wat werkte wel en waarom?
- wat werkte niet en waarom?
- wat ga ik de volgende keer anders doen?
Zonder deze stap blijft leren vaak incidenteel in plaats van structureel.
Waarom zelfregulerend leren zo belangrijk is
In een wereld waarin kennis snel verandert, wordt het steeds belangrijker dat mensen zelf kunnen leren.
Zeker in de zorg, waar professionals continu moeten blijven ontwikkelen.
Zelfregulerend leren helpt om:
- efficiënter te leren
- beter om te gaan met complexiteit
- verantwoordelijkheid te nemen voor ontwikkeling
Het verschil tussen iemand die afhankelijk blijft en iemand die zelfstandig groeit, zit vaak hier.
Waarom het vaak niet vanzelf ontstaat
Een belangrijk misverstand is dat zelfregulatie vanzelf ontstaat als je deelnemers “loslaat”.
Maar zonder begeleiding gebeurt vaak het tegenovergestelde.
Deelnemers:
- weten niet hoe ze moeten plannen
- herkennen niet wanneer ze vastlopen
- reflecteren niet diep genoeg
Zelfregulerend leren moet dus ontwikkeld en begeleid worden.
De rol van de docent of opleider
Zelfregulerend leren vraagt om een andere rol van de docent.
Je helpt niet alleen met inhoud, maar ook met het leerproces zelf.
Dat betekent dat je:
- helpt bij het stellen van doelen
- vragen stelt tijdens het leren
- reflectie begeleidt
Je maakt zichtbaar wat normaal onzichtbaar blijft.
Zelfregulerend leren in de zorg
In de zorg is dit model bijzonder relevant.
Professionals moeten:
- zelfstandig beslissingen nemen
- omgaan met onverwachte situaties
- blijven leren in de praktijk
Dat vraagt niet alleen kennis, maar ook zelfsturing.
Bijvoorbeeld:
Een verpleegkundige die na een complexe situatie niet alleen denkt “dit ging lastig”, maar analyseert wat er gebeurde en hoe het de volgende keer anders kan.
Dat is zelfregulatie in actie.
De samenhang met andere modellen
Zelfregulerend leren staat niet los van andere didactische concepten.
Het hangt sterk samen met:
- formatief handelen → feedback tijdens het proces
- ervaringsleren (Kolb) → reflectie en toepassing
- leerkuil → omgaan met onzekerheid
- motivatie (ABC-model) → willen en kunnen leren
Samen versterken ze het leerproces.
Waar het vaak misgaat in de praktijk
Een paar herkenbare situaties:
- deelnemers krijgen vrijheid, maar geen begeleiding
- reflectie blijft oppervlakkig
- doelen worden niet expliciet gemaakt
- leren wordt niet geëvalueerd
Hierdoor lijkt het alsof iemand zelfstandig leert, maar blijft het effect beperkt.
Tot slot
Zelfregulerend leren volgens Zimmerman laat zien dat effectief leren meer is dan kennis opnemen. Het gaat om het sturen van je eigen leerproces — van plannen tot reflecteren.
Voor docenten en opleiders betekent dit dat leren niet alleen inhoudelijk begeleid moet worden, maar ook procesmatig.
In de zorg, waar zelfstandigheid en verantwoordelijkheid centraal staan, is dit geen luxe, maar een noodzaak.
FAQ: veelgestelde vragen
Wat is zelfregulerend leren?
Het vermogen om je eigen leerproces te plannen, monitoren en evalueren.
Wat is het model van Zimmerman?
Een cyclus van plannen, uitvoeren en reflecteren.
Waarom is het belangrijk?
Omdat het zorgt voor effectiever en zelfstandiger leren.
Kun je dit aanleren?
Ja, maar het vraagt begeleiding en oefening.

